Den Haag,
19
februari
2018
|
00:00
Europe/Amsterdam

Dankzij IPO inbreng geen verplichting tot keuze voor één regionale omroep

Donderdag 15 februari is het spoedwetsvoorstel wijziging van de Mediawet als hamerstuk aangenomen. Via het IPO hebben de gezamenlijke provincies succesvol geprotesteerd tegen de verplichting om bij meerdere regionale omroepen in hun provincie een keuze te moeten maken. Deze verplichting is door de provincies teruggelegd bij de minister en het Commissariaat van de Media.

De provincies in Nederland beschikken allen over een ‘eigen’ regionale omroep. Zuid-Holland is daarop de uitzondering met twee regionale omroepen: TV West en RTV Rijnmond. In de provincie Groningen zou ook een gegadigde zijn voor een (tweede) regionale omroep. Dat is de directe aanleiding geweest voor een spoedwetsvoorstel om het aantal omroepen te beperken tot 12 (zie eerder artikel op de IPO-website).

Het doel van de wetswijziging is de versnippering van het beschikbare budget over meer dan 12 regionale omroepen tegen te gaan. Hierover is het IPO namens de gezamenlijke provincies geconsulteerd. In het wetsvoorstel werden de provincies verplicht om bij meerdere regionale omroepen in één provincie een keuze te maken. Daarop hebben de provincies ingezet om het wetsvoorstel aan te passen en hebben daarbij succes geboekt.

Het argument van de provincies is dat Provinciale Staten niet verplicht zijn een voorkeur voor één bepaalde partij uit te spreken. Immers, de provincies zijn wettelijk alleen maar verplicht te toetsen of de betreffende regionale omroep voldoet aan de eisen die zijn genoemd in de Mediawet 2008. Het is, aldus het IPO, aan de minister en het Commissariaat om een oordeel te vellen over het maximum aantal regionale publieke media-instellingen. Zoals gezegd is het wetsvoorstel naar wens van de provincies aangepast en op 15 februari als hamerstuk aangenomen.