18
juni
2018
|
09:00
Europe/Amsterdam

De inwoner bepaalt: het programma Nieuwe Natuur

Nieuwe natuur, gerealiseerd voor en door Flevolandse inwoners en organisaties. Dat is het doel van het programma Nieuwe Natuur. Het begon met een oproep om ideeën voor de creatie van natuur in Flevoland aan te melden bij de provincie. De eerste projecten zijn inmiddels ook echt gerealiseerd. Zoals het luierpark van Tineke Ras. Daarbij moesten welde nodige hindernissen worden genomen.

Het is een zonnige dag. Tineke Ras en ik drinken een kop thee in het Luierpark. Tineke heeft hard gestreden voor haar droom: dit park, met 72 luierbomen die geplant zijn als geschenk voor pasgeboren baby’s of om overleden kindjes te gedenken. Het is prachtig: een park met een lach en een traan, midden in Almere. 

Een park voor kinderen
Tineke vertelt hoe dit idee is ontstaan: “Een paar jaar geleden kwam ik in aanraking met het KWF-bos. Ik ben zelf jong weduwe geworden en ik heb daar een boom met mijn kinderen. Daarnaast kende ik het bos vanuit mijn werk bij Staatsbosbeheer. Een soortgelijk park wilde ik graag voor kinderen. Een park met luierbomen die mensen kunnen aanschaffen voor een pasgeboren kind of om een overleden kindje te gedenken.” Niet lang daarna zag Tineke een oproep van Jan-Nico Appelman, gedeputeerde bij de provincie Flevoland. Hij vroeg burgers plannen in te dienen voor nieuwe natuur. “Dit is een mooie kans, dacht ik toen, en ik heb mijn plan ingediend.”

Van het Rijk naar de provincies

Het programma Nieuwe Natuur houdt in dat iedereen met een idee voor de creatie van nieuwe natuur in Flevoland dat mocht indienen bij de provincie. Die ideeën werden op een aantal vooraf vastgestelde criteria beoordeeld. Het programma ontstond doordat de verantwoordelijkheid voor het realiseren en beheren van natuur een aantal jaren geleden van het Rijk naar de provincies is overgedragen. Daarbij stuurde het Rijk aan op ‘natuur op uitnodiging’: de maatschappij betrekken bij het creëren van nieuwe natuur om zoveel mogelijk aan te sluiten bij de behoefte van inwoners.

Vol energie
Zo was de basis gelegd: Tineke had een idee en de provincie kon haar helpen. Maar daarmee was het park er nog niet. “Hoewel ik al precies wist wat ik wilde, gaat het verder dan dit gewoon te lanceren,” legt Tineke uit. “Ik moest eerst overal mensen kennis laten maken met mijn idee. Ik was heel positief en bij alles vol energie aanwezig. De provincie kon niet om me heen. Het resultaat was dat het Luierpark als een van de projecten werd opgenomen in een Statenvoorstel voor realisatie van nieuwe natuur. Toen er uiteindelijk in Provinciale Staten over gestemd moest worden, stemde slechts één partij tegen.”

Geschikte grond
Na het positieve besluit begon de voorbereidingsfase, je moet heel wat uitzoeken en regelen voordat je echt in het veld aan de slag kunt. Tineke moest op zoek naar geschikte grond. Dat heeft de meeste tijd in beslag genomen. Tineke: “Ik heb met verschillende partijen gesproken. Flevo-landschap vond me in eerste instantie te commercieel en Staatsbosbeheer had vraagtekens bij de keuze voor de exotische bomen die ik in mijn park wilde planten. Die bomen, Davidia’s, worden ook wel luierbomen genoemd en zijn juist belangrijk voor het karakter van mijn natuurproject. Gelukkig heeft Staatsbosbeheer mijn initiatief uiteindelijk omarmd en hebben we samen naar een geschikte locatie gezocht. Toen ik op deze plek aan de rand van Almere kwam, dacht ik meteen: dit moet het worden.” Toen de plek gekozen was, moest Tineke haar idee verder ‘vermarkten’ om het uit te leggen en bomen te verkopen, zodat het park ook kon worden aangelegd. “Gelukkig kan ik goed netwerken, want ik had mensen nodig die mij hielpen met bijvoorbeeld de website, mijn logo, en mijn flyers. Die heb ik betaald van een startsubsidie van de provincie. Ik heb speeltoestellen geregeld van duurzaam hout, vervolgens kwamen de bomen. Ook heb ik een stichting opgericht voor de exploitatie van het park.”

Andere rol
Via de bottom-up aanpak van het programma Nieuwe Natuur heeft Tineke haar droom dus kunnen waarmaken, als eerste particuliere projectindiener. Wat zeker een rol speelde in het programma Nieuwe Natuur is dat betrokken partijen vaak een andere rol hadden in het programma dan ze gewend waren. Niet de overheid, maar de initiatiefnemers zelf moeten hun projecten realiseren. “Dat kost veel doorzettingsvermogen”, zegt Tineke. De rol van de provincie was, anders dan voorheen, ondersteunend waar nodig. Voor de provincie was dat ook zoeken naar wat ze wel, en wat ze niet meer moet doen. Dat blijkt vervolgens maatwerk te zijn; particuliere initiatiefnemers die geen idee hebben hoe ze met een zak geld een natuurproject kunnen realiseren, hebben meer ondersteuningsbehoefte dan professionele organisaties als Staatsbosbeheer.

Leerproces
Ook voor de politiek is het een leerproces. Een bottom-up aanpak betekent dat anderen de projecten bedenken en bepalen hoe en met wie ze die gaan uitvoeren. “Maar de relatie met de provincie was goed,” zegt Tineke. “Ze hebben me altijd geholpen en ze zijn trots omdat het gelukt is.” Tineke lacht. “Ik vraag me alleen af of de provincie dit in de toekomst weer zou doen. Ik was af en toe best een lastige tante.”