Assen,
17
september
2019
|
14:45
Europe/Amsterdam

Drenthe: Reactie Troonrede 2019

Zowel aan het begin, in het midden en aan het einde van de Troonrede, stond de Koning stil bij de viering van 75 jaar Vrijheid. Ook in de provincie Drenthe staan we daar komend jaar uitgebreid bij stil. De provincie heeft 1 miljoen euro uitgetrokken voor activiteiten in het kader van 75 jaar Vrijheid. Binnenkort volgt de presentatie van die plannen. Nu is al wel duidelijk dat veel van die activiteiten ook drijven op vrijwilligers, die door de Koning expliciet werden genoemd.

De Troonrede was opvallend sociaal van toon. Waar het in de afgelopen jaren vaak ging over de economische groei en de koopkrachtplaatjes, ging het nu meer over de persoonlijke levenssfeer van mensen. Dit sluit aan bij de de wens van de coalitie in Drenthe voor een samenleving waarin iedereen kan meedoen en waarin er voor iedereen een fatsoenlijke baan is en een betaalbaar huis.

Zorg en Welzijn

In Drenthe kijken we waar we elkaar, gemeenten, maatschappelijke partners en provincie, kunnen vinden en versterken om de provincie levendig en sociaal te houden. Voor nu en generaties na ons. Met het opstellen van een sociale agenda inventariseren we, op welke manier we gemeenten kunnen ondersteunen in bijvoorbeeld de krapte in het sociaal domein. We kijken uit naar de aangekondigde contouren voor de organisatie van de zorg, die voor de zomer van 2020 gepresenteerd zal worden.

Economie

De economische vooruitzichten zijn weliswaar goed, maar het kabinet tempert al teveel optimisme. Daarom nu vooral investeren om ook voor de toekomstige generaties na ons Nederland sterker te maken. Daar waar het in de Randstad steeds drukker wordt, biedt Drenthe ruimte in de breedste zin van het woord. Hier is ruimte om te wonen, te werken en te recreëren. Wij blijven de komende jaren inzetten op het versterken van onze vrijetijdseconomie, niet alleen voor de toerist, maar ook voor onze inwoners.

Bereikbaarheid

Dit leek in de Troonrede dit jaar niet een heel groot thema. Dat is het voor Drenthe natuurlijk wel. Zowel over de weg als over het spoor is een goede bereikbaarheid van Drenthe en van het Noorden van groot belang. In het kader van het door het kabinet voor volgend jaar aangekondigde investeringsfonds innovatie, kennisontwikkeling en infrastructuur zal Drenthe daar fors op inzetten.

Plannen RegioDeals komen tot uitvoering

In de Troonrede ook aandacht voor de kracht van de regio bij de uitvoerig van de plannen om de leefbaarheid van het platteland te verbeteren en economische kansen te benutten. We herkennen hierin de RegioDeal Zuid- en Oost Drenthe en Natuurinclusieve Landbouw. Er wordt hard gewerkt aan de uitvoering van deze plannen. Eind oktober verwachten we met de gemeenten, ministeries en regionale partners concrete projecten te kunnen presenteren.

Evenwicht ecologie en economie

Het vinden van een balans tussen economie en ecologie is nog scherper op het netvlies komen te staan door de uitspraak van de Raad van State over het stikstofbeleid. Het is van belang dat we in gezamenlijkheid werken aan een oplossing van dit grote vraagstuk. Hier zetten we ons met partners voor in.

Investeringsfonds

De in de Troonrede genoemde groeiagenda en investeringsfonds bieden kansen voor Drenthe als het gaat om het aanjagen van kennisontwikkeling en innovaties. Met het plan Drenthe 4.0 willen we het werkgelegenheidsverlies door de versnelde afbouw gaswinning het hoofd bieden. De verdere invulling van de GZI in Emmen en het gebruik en de ontwikkeling van waterstof op het EMMTEC-terrein zijn onderdelen die wij verder gaan uitwerken en die passen bij de noodzaak om een economie voor de toekomst te creëren: een sterke, slimme en groene economie. Onze biobased-economy en agribusiness sluiten hier naadloos op aan.

Klimaat

Regionale initiatieven zijn belangrijk om een leefbaar platteland te houden. Het klimaatakkoord is noodzaak, maar biedt ook economische kansen voor nieuwe banen. Wij verwachten steun van het kabinet voor een noordelijke waterstofeconomie. Zorgelijk is de constatering dat uitvoeringsorganisaties van de overheid slagkracht missen omdat onze wetgeving en beleid te ingewikkeld zijn geworden. Wij hebben dergelijke organisaties hard nodig, ook voor de ondersteuning van nieuwe vormen van energie. De SDE ++ leent zich misschien niet voor waterstof, maar dan moet er wel een ander geldpotje komen om de kinderziektes in de exploitatie te overwinnen. Waterstof is hard nodig vanwege onze beknellende netcapaciteit. 10 miljoen euro is mager om waterstof echt tot ontwikkeling te krijgen.

Energietransitie

Naast de afbouw van de gaswinning in Groningen, moeten we wel aandacht houden voor de toekomst van de gaswinning. De kleine gasvelden worden leeg geproduceerd, maar er is nog steeds geen onafhankelijk schadeprotocol in zicht.

Van groot belang is, dat het kabinet onderkent dat de transitie haalbaar en betaalbaar moet. Huishoudens worden in staat gesteld om de weg naar energieneutraliteit stap voor stap te bewandelen.

Wonen

Met name voor de kleinere kernen in Drenthe is het de uitdaging aantrekkelijk te blijven voor jongeren en voldoende toekomstbestendige woningen te hebben voor ouderen. We zijn dan ook blij met de aangekondigde extra impuls voor woningbouw.

De aangekondige korting op de verhuurdersheffing is welkom, maar wat Drenthe betreft moet daarbij naast nieuwbouw, ook aandacht zijn voor herstructurering.

En verder:

De vorming van een jongerenparlement is een goede start om te bouwen aan vertrouwen in de overheid en binding te houden met de samenleving. Dat is van groot belang bij grote veranderingen zoals de energietransitie.

Vanuit onze rol als toezichthouder op de gemeentefinanciën zien wij dat veel gemeenten in Drenthe, ondanks de positieve miljoenennota, genoodzaakt zijn om hun financiële perspectief te herijken en naar bezuinigingsmogelijkheden over de breedte van de begroting te kijken. Deze miljoenennota nemen de zorgen van dit college over de financiële positie van gemeenten nog niet weg.

Uit de septembercirculaire van het Rijk, die ook bij alle Begrotingsstukken is gepresenteerd, blijkt dat de belangrijkste inkomstenbron van de provincies, het Provinciefonds, volgend jaar ongeveer gelijk blijft. In 2019 heeft de provincie zo’n 1,5 miljoen euro ingeleverd, door Eem daling van de algemene uitkering en veranderingen in het BTW-compensatiefonds.

We realiseren ons net als het kabinet dat niet alles met geld op te lossen. De Koning gaf als voorbeeld dat er fors geïnvesteerd is om het vak van leraar aantrekkelijker te maken, maar dat er nog steeds tekorten zijn. Samen staan we aan de lat om oplossingen te bieden, daar waar de beschikbaarheid van mensen en middelen de grenzen heeft bereikt.