25
juni
2018
|
00:00
Europe/Amsterdam

Illegale handel in elektronisch afval: Drenthe grijpt in

Afgedankte koelkasten uit Nederland verdwijnen via het illegale circuit naar landen als Ghana en Nigeria. De waardevolle metalen komen bij ons terug, het afval blijft achter in Afrika. De provincie Drenthe besloot gebruik te maken van haar mogelijkheid om in te grijpen.

Burgers kunnen hun oude koelkasten, televisies en andere ‘e-waste’ wegbrengen naar bijvoorbeeld de gemeente, of laten ophalen door witgoedbedrijven. Die gemeenten en witgoedbedrijven zijn verplicht het oude witgoed in te nemen. Zij laten het ophalen door bedrijven die bevoegd zijn om het te verwerken. Die bedrijven doen dat zodanig dat de giftige stoffen die er nog in zitten, niet vrijkomen. Voor deze zorgvuldige verwerking betaalt de consument bij aanschaf van elektronische apparaten een recyclingsbijdrage.

Elektronisch afval levert geld op
In sommige gevallen verdwijnt e-waste echter naar een illegaal circuit, soms zonder dat witgoedhandelaren of eigenaren van een kringloopwinkel dat in de gaten hebben. Johnny de Vos, beleidsmedewerker VTH bij de provincie Drenthe: “Sommige witgoedhandelaren willen snel van hun elektronisch afval af, bijvoorbeeld omdat ze weinig opslagruimte hebben. In die gevallen komt het relatief vaker voor dat e-waste wordt opgehaald door onbevoegde bedrijven, die dat gratis en snel doen.”

Giftige stoffen
Bedrijven hebben interesse in e-waste, omdat er in landen als Ghana flink aan e-waste verdiend kan worden. E-waste bevat namelijk waardevolle metalen, die veel opleveren als je vrijwel niets hoeft te betalen aan arbeids- en milieukosten. Voornamelijk kinderen, soms zelfs kinderen van drie jaar, halen in Ghana de metalen uit ons afval. Eenmaal gevonden, verkopen ze het weer voor een te verwaarlozen bedrag. Zo komen alleen de waardevolle metalen bij ons terug, het afval blijft achter in Ghana. En met de nodige gevolgen; bij het zoeken naar metalen komen veel giftige stoffen vrij. “Het is ironisch,” zegt De Vos. “Zo verdienen mensen geld om in leven te blijven, op een manier die zo schadelijk is dat het dodelijk kan zijn.”

Gezamenlijke aanpak
De provincie heeft de mogelijkheid hierop in te grijpen, hoewel het niet vanzelfsprekend is dat ze dit ook doet. Past het bijvoorbeeld niet meer bij het takenpakket van gemeenten? Zij hebben immers nauwer contact met witgoedhandelaren en kringloopzaken die handelen in witgoed. Desondanks vond provincie Drenthe dat ze hier een verantwoordelijkheid had. Overheden willen immers werk maken van de energietransitie en het illegaal afvoeren van e-waste draagt daar niet aan bij. De Vos vond het belangrijk om in te grijpen vanuit uit moreel oogpunt. “Als Nederlander betaal je je recyclingsbijdrage niet om je koelkast te laten verbranden in Ghana. En er zijn veel bedrijven die voor veel geld het juiste certificaat hebben aangeschaft om e-waste te mogen recyclen. Dat moeten dan ook de bedrijven zijn die de e-waste krijgen aangeboden, in plaats van illegale bedrijven die ‘dumpen’ in landen als Ghana.” Daarnaast is de provincie mede verantwoordelijk voor ketentoezicht en kan ze de juiste instanties bij elkaar brengen om deze illegale handel aan te pakken. Dat is nodig, omdat het netwerk van verantwoordelijke partijen nogal versnipperd is: gemeenten kunnen alleen handelaren controleren en IL&T alleen transport naar en export vanuit de haven. Zonder gezamenlijke aanpak is het moeilijk om deze handelaren op te sporen.

Nieuwe manier van werken
De provincie vond dus dat haar wat te doen stond. Daarom heeft ze de gemeenten die net als de provincie partner zijn in de RUD op de urgentie van het probleem gewezen. De RUD is de uitvoeringsdienst die namens de lokale overheden toezicht houdt op onder andere milieuzaken. De Vos geeft aan dat de partners aanvankelijk niet direct overtuigd waren: “Er was eerst intern en later bij de partners heel wat lobbywerk nodig om te zorgen dat iedereen hiermee aan de slag wilde. De urgentie werd niet zo gevoeld. Daarnaast was er een nieuwe manier van werken nodig, waarbij bedrijven niet afzonderlijk van elkaar worden gecontroleerd, maar de witgoedketen in samenhang wordt bezien.” Uiteindelijk waren de partners het eens, en kreeg de RUD de opdracht om de witgoedketen te controleren. Adriaan van Hemel, medewerker bij de RUD, vertelt dat ook dat makkelijker gezegd was dan gedaan. “Hoe e-waste precies in het buitenland terecht kwam, was ook voor de RUD nog een groot vraagteken,” aldus Van Hemel. “Al pratende kwamen we tot de conclusie dat er waarschijnlijk best veel e-waste bij bijvoorbeeld kringloopzaken terecht komt. Normaal gesproken controleert de RUD die niet, omdat die in principe niets te maken hebben met milieuzaken. Het leek tijd daar verandering in te brengen.”

Ontmaskerd
De RUD bezocht vervolgens de Drentse kringloopzaken om te bekijken wat er binnen kwam en waar spullen naartoe werden afgevoerd. De dienst bezocht grote zaken, met professionals die precies wisten wat mocht en zich daar ook aan hielden. Sommige bedrijven hielden zich niet aan de regels. Daar werd bij lichte vergrijpen voorlichting gegeven over milieuwetgeving, en harder opgetreden bij zwaardere vergrijpen. Uiteindelijk is er een bedrijf, midden in een woonwijk in Deventer, door justitie en de politie ontmaskerd. Dat bedrijf verscheepte e-waste naar Ghana. Hoewel Deventer in Overijssel ligt, waren het Drentse handelaren die hun e-waste daarheen brachten, vele containers vol. Al die tussenhandelaren zijn stilgelegd waarmee deze aanvoerstroom naar Ghana is opgedroogd.

Blijvende aandacht is nodig
De lange adem van de provincie is daarmee beloond met een mooi resultaat. Maar wel is het een zaak die blijvende aandacht behoeft. Ook nieuwe koelkasten of tv’s bevatten zowel schadelijke als waardevolle materialen, waardoor er voorlopig nog handelspotentie zit in e-waste.