Utrecht ,
29
april
2019
|
16:00
Europe/Amsterdam

Provincie inventariseert bijzondere planten en dieren in Utrechtse buitengebieden

Om te bepalen hoe het met de biodiversiteit in de provincie Utrecht gaat, brengen veldwerkers in opdracht van de provincie in kaart welke bijzondere planten en dieren er leven in de Utrechtse agrarische en natuurgebieden. Deze inventarisatie vindt jaarlijks plaats, telkens in een ander deel van de provincie. Dit jaar staat het buitengebied van het zuidoosten van de provincie Utrecht op het programma.

De ecologische veldwerkers gaan dit jaar vanaf 1 mei tot eind september aan de slag in de buitengebieden in de gemeenten Wijk bij Duurstede, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal en Rhenen. Dit is circa 10.000 hectare. De meeste aandacht gaat uit naar wegbermen, sloten, poelen, houtwallen en (park)bossen.

Inventarisatie

Met de inventarisatie brengt de provincie in kaart wat de natuurwaarden zijn in het gebied en welke beschermde en bedreigde soorten planten en dieren er voorkomen. De provincie kijkt naar planten, zoogdieren, reptielen, amfibieën, vissen, dagvlinders, libellen, sprinkhanen, krekels en bosmieren. Voor de planten is één bezoek voldoende, voor de dieren moet een gebied drie maal in het seizoen bezocht worden om ze goed in kaart te brengen.

Digitaal beschikbaar

De natuurwaarnemingen worden direct in het veld digitaal ingevoerd in een tablet. Via navigatiesatellieten (GPS) wordt gelijk de positie bepaald. De gegevens worden opgeslagen in de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) en zijn daarmee (tegen betaling) ook beschikbaar voor andere instanties, zoals gemeenten, onderzoeksbureaus en andere provincies. De provincie gebruikt de uitkomsten van het veldwerk bij het maken van haar natuurbeleid.

Rondje

De provincie voert dit veldwerk sinds 1975 uit. Volgens planning onderzoekt de provincie in 10 jaar tijd alle Utrechtse agrarische en natuurgebieden. Na die 10 jaar begint het rondje opnieuw. De afgelopen jaren zijn de volgende gebieden onderzocht: Linschoten (2018), Leusden, Woudenberg en Renswoude (2017), Houten, Wijk bij Duurstede en Schalkwijk (2016), Vechtvallei, Noorderpark en Harmelen (2015), Zegveld, Kamerik, Kockengen en Eemland (2014) en Mijdrecht (2013).