Den Haag,
09
juli
2020
|
08:16
Europe/Amsterdam

Versterk het investeringsvermogen van de woningbouwcorporaties

Samenvatting

De gezamenlijke provincies (IPO) roepen op, om op de kortst mogelijke termijn een einde te maken aan de uitholling van het investeringsvermogen van de woningbouwcorperaties. Eén van de mogelijkheden is het afschaffen van de verhuurderheffing. Het IPO roept de Kamer op om het rapport van “Opgaven en middelen corporatiesector” te beschouwen als een noodoproep vanuit de volkshuisvesting. Alle politieke partijen zouden gezonde en eerlijke randvoorwaarden voor de volkshuisvesting tot inzet van hun verkiezingsprogramma moeten maken.

Peter Kerris, gedeputeerde  van de provincie Gelderland en woordvoerder namens de gezamenlijke provincies: “Willen we betaalbare woningbouw in Nederland écht in beweging krijgen, dan moet de verhuurderheffing zo snel mogelijk worden afgeschaft. Tussenoplossingen gaan voor de huidige en toekomstige woningnood niet meer werken.”

Dat de minister in haar reactie op het rapport “Opgaven en middelen corporatiesector” erkent dat de corporaties over onvoldoende financiële middelen beschikken, biedt aanknopingspunten voor een gesprek. Dit gesprek willen de provincies vanuit hun verantwoordelijkheid zo snel als mogelijk met de minister voeren.

Aanleiding

Om de woningbouwopgave in Nederland tijdig aan te kunnen, is versterking van het investeringsvermogen van de regionale woningmarkt noodzakelijk. Het rapport dat afgelopen vrijdag is gepubliceerd laat zien dat de woningbouwcorporaties in het komende decennium gebrek aan financiële middelen krijgen om aan de opgave van sociale woningbouw te kunnen voldoen.

Het rapport van “Opgaven en middelen corporatiesector” sluit naadloos aan bij de eerdere bevindingen uit het onderzoek ‘Effecten van de verhuurderheffing op het wonen in Nederland’ dat Companen en Thésor hebben uitgevoerd in opdracht van Aedes, de VNG en de Woonbond. Het onderzoek schetst helder, welke effecten de verhuurderheffing en de overige genoemde heffingen hebben gehad op de volkshuisvesting in Nederland. De conclusies zijn voor de provincies herkenbaar. Zonder een goed stelsel van sociale huisvesting is Nederland niet het sociale land dat wij van oudsher kennen en waarvoor ook provincies zich inzetten.

De gezamenlijke provincies constateren dat de volledige medewerking en inzet van woningcorporaties nodig is om voldoende woningen van goede kwaliteit in het sociale segment te krijgen. Veel corporaties én de koepelorganisatie Aedes hebben er al op gewezen dat de combinatie van heffingen de uitvoering van de maatschappelijke taak van corporaties bemoeilijkt. Van gemeentelijke bestuurders krijgen provincies soortgelijke signalen. In diverse gemeenten zijn de corporaties niet in staat om de woningen te bouwen waaraan wel een grote behoefte bestaat.

Uit de vorige crisis weten we dat juist woningcorporaties een belangrijke rol spelen in het overeind houden van de bouw. Dat doen ze door anticyclisch te investeren en daarmee ook de economie te steunen.